Noord was altijd al van ons: Over transformatie, trots en de vraag wat er overblijft
Als je aan iemand uit Tuindorp Oostzaan vraagt hoe het vroeger was in Noord, krijg je een verhaal over de boot, de geur van de werf en de kroeg op de hoek die al vijftig jaar hetzelfde biertje tapte. Als je aan een recent aangespoelde bewoner uit de Houthavens vraagt wat Noord voor hem betekent, hoor je iets over de ruimte, de kunst en het gevoel dat hier nog iets te ontdekken valt. Beide verhalen kloppen. En dat maakt Noord zo'n fascinerende wijk om over te schrijven.
Van scheepswerf tot creatief district
De transformatie van Noord begon niet met een hippe koffiezaak. Ze begon met leegstand. Toen de grote industriële bedrijven in de jaren negentig vertrokken — de NDSM-werf, de Shell-installaties, de kleinere fabrieken langs het IJ — bleef er een enorm vacuüm achter. Grote loodsen, braakliggende terreinen, een veerpont die mensen liever vermeden.
In dat vacuüm zagen kunstenaars en krakersgroepen mogelijkheden. De NDSM-werf werd gekraakt en omgetoverd tot broedplaats. MTV vond er onderdak. Kunstcollectief Kinetisch Noord bouwde er installaties. Langzaam maar zeker ontstond er een ecosysteem van ateliers, kleine productiebedrijven en experimentele ruimtes.
"Wij waren er al voordat iemand het 'cool' noemde," zegt Roos (52), beeldend kunstenaar en een van de pioniers van de NDSM-werf. "We kwamen hier omdat het goedkoop was en er ruimte was. Letterlijk ruimte — meters en meters waar je kon werken, experimenteren, falen. Dat bestaat nergens anders in de stad meer."
De bewoners die er altijd al waren
Maar Noord was nooit leeg. Terwijl de kunstenaars de havenloodsen betrokken, woonden er al decennialang families in de tuindorpen en flatwijken ten noorden van het IJ. Tuindorp Oostzaan, de Banne, Nieuwendam — wijken met een sterke eigen identiteit, arbeiderscultuur en een lichte argwaan richting al dat nieuwe geweld aan de waterkant.
Henk (71) woont al zijn hele leven in de Van der Pekbuurt. "Ik vind het prima dat er nieuwe mensen komen hoor, maar het voelt soms alsof wij er niet meer bij horen. De cafés waar ik vroeger zat zijn er niet meer. De slager is weg. Er is nu een winkel die brood verkoopt voor vier euro vijftig per snee. Wat moet ik daarmee?"
Het is een sentiment dat je vaker hoort in Noord. Niet ronduit vijandig, maar wel met een gevoel van ontheemd raken in je eigen wijk. De verandering ging snel — misschien te snel voor de mensen die er het langst woonden.
Ondernemers tussen twee werelden
Dan zijn er de ondernemers die bewust kozen voor Noord — niet als toerist, maar als inwoner met een plan. Mensen zoals Aigerim (41), die tien jaar geleden vanuit Kazachstan naar Amsterdam kwam en uiteindelijk in Noord belandde.
"Ik opende hier mijn restaurant omdat ik de mensen hier vertrouwde," vertelt ze. "Niet de hippe mensen van de NDSM, maar de mensen van de Floraweg, de Purmerweg. Die kwamen gewoon eten. Zonder pretenties. Dat sprak me aan."
Haar zaak staat nu in meerdere gidsen en trekt bezoekers van over de hele stad. Maar haar vaste klanten zijn nog altijd de buurtbewoners van het eerste uur. "Als ik die kwijtraak, ben ik iets essentieels kwijt. Dat weet ik zeker."
Dit soort ondernemerschap — geworteld in de buurt, maar open voor de wereld — is misschien wel het meest hoopvolle aan Noord. Het is geen gentrificatie in de klassieke zin, maar ook geen statische nostalgie. Het is iets daartussenin, iets wat Noord zichzelf heeft uitgevonden.
De spanning die blijft
Toch is er spanning. De huurprijzen stegen de afgelopen tien jaar dramatisch. Jonge Amsterdammers die vroeger automatisch in de Jordaan of De Pijp terechtkwamen, stroomden Noord in — en duwden daarmee de mensen omhoog die al niet veel ruimte hadden.
De gemeente Amsterdam worstelt met dit vraagstuk. Sociale huurwoningen worden beschermd, maar de druk op de vrije sector is enorm. Broedplaatsen worden met subsidie overeind gehouden, maar staan altijd op de tocht als de grondprijzen stijgen.
"Noord is het laboratorium van Amsterdam," zegt stadsgeograaf en Noord-bewoner Lotte (37). "Alles wat hier gebeurt, is een paar jaar later in een andere wijk aan de hand. De vraag is of we er iets van leren."
Wat Noord Noord maakt
Naast alle analyse en de demografische verschuivingen is er iets wat Noord onderscheidt van andere Amsterdamse wijken: een rauwheid die je niet kunt fabriceren. De haven is er nog. De loodsen zijn er nog. Het IJ is er nog. En de mensen die er altijd woonden, zijn er — zij het met meer concurrentie om hun plek.
De veerpont die jarenlang symbool stond voor de scheiding tussen Noord en de rest van de stad, is nu een toeristische attractie op zich. Maar voor de mensen die hem dagelijks nemen om naar werk of school te gaan, is het gewoon de boot. Altijd al geweest.
Misschien zit daar de ziel van Noord: in het verschil tussen mensen voor wie het allemaal nieuw en opwindend is, en mensen voor wie het gewoon het leven is. Zolang beide groepen ruimte vinden in dezelfde wijk, is er hoop.